Sinds President Trump de leiding heeft over de Verenigde Staten is de Amerikaanse regering een nieuwe, agressievere weg ingeslagen om Kim Jong-Un’s Noord-Korea te bestrijden.

Al vroeg in het presidentschap keurde Trump een plan goed om cyberaanvallen uit te voeren op de Noord-Koreaanse regering. Het internet is in het dictatoriale land niet beschikbaar voor het gewone volk, maar wordt bijna exclusief gebruikt door de overheid en zijn instanties.

Overbelasting

Om die verbinding zoveel mogelijk te dwarsbomen hebben Amerikaanse hackers door middel van DDoS-aanvallen geprobeerd het internet in Noord-Korea overmatig te belasten. Hierdoor waren de hackers van Kim Jong-Un nauwelijks in staat om online te komen. Medewerkers van het Witte Huis verklaren dat de aanval vooral bedoeld was om eventuele hackpogingen vanuit het communistische land te voorkomen en om de systemen van Amerika zo goed mogelijk te verdedigen.

Kim buitenspel

De cyberaanvallen zijn een onderdeel van een groter plan om de invloedssfeer van Noord-Korea zoveel mogelijk in te dammen en daarmee druk uit te oefenen op het regime. Naast de DDoS-aanval zijn Amerikaanse diplomaten al langer druk bezig om andere landen al hun financiële en politieke banden met Noord-Korea te laten breken. Inmiddels zou de regering van Kim Jong-Un alweer een verbeterde internetverbindingen hebben gekregen van de Russen.